Emma Storris

Hoe een klimaatakkoord op een onverwachte manier hoop brengt

Ik was aangenaam verrast te zien dat vele onwaarschijnlijke bondgenoten zich uitspraken tegen het klimaatakkoord, zoals het onlangs door de Nederlandse regering gepresenteerd werd. Milieubewegingen hand in hand met de Telegraaf, wie had dat kunnen bedenken? Ik niet. Zeker omdat ik recentelijk nog geconfronteerd werd met de mening van een jongeman die het klimaatakkoord te ver vond gaan en daarin een Nederland zag dat het braafste jongetje van de klas wilde zijn. Hij voegde daaraan toe, dat het sowieso geen zin had om iets te doen zolang andere, vervuilendere landen niet bereid waren iets te veranderen. Hmmm…

Wie niets bij verandering te winnen heeft verandert niets

Ik kan het eens zijn met zijn conclusie dat het klimaatakkoord zo de prullenbak in kan, maar om hele andere redenen. Het gaat lang niet ver genoeg, het is te vrijblijvend en het houdt de echte vervuilers – degenen die tevens al decennia verdienen aan vervuiling – buiten schot. Hoe kun je in hemelsnaam een akkoord serieus nemen, dat de kleinste vervuilers aanpakt en de grootste vervuilers geld toe geeft om zelf te bedenken hoe ze iets aan hun uitstoot zouden kunnen doen? Het is echter wel een goed voorbeeld van waarom het ons niet gaat lukken om het tij – figuurlijk en behoorlijk letterlijk – te keren. Dat komt omdat we ons blijven verlaten op de heersende machten, die er, logischerwijs, niets bij te winnen hebben om echte veranderingen door te voeren.

Doekjes voor het bloeden

We laten ons een rad voor ogen draaien door hen die garen spinnen bij het uitbuiten van zowel onze planeet als de mensheid. We gaan mee in de waan van de dag, ons vastklampend aan doekjes voor het bloeden zoals windmolens, Tesla’s en onze wekelijkse rit naar de lokale verstrekker van groentepakketten. Misschien weten we wel dat we zo alleen maar onszelf voor de gek houden, maar het alternatief – echt verantwoordelijkheid nemen – is te eng. Hoe stom is het om rücksichtslos door te gaan in het systeem dat het probleem veroorzaakt heeft, terwijl iedereen weet dat het nog nooit gelukt is om iets te veranderen op dezelfde manier als het is misgegaan…

Het systeem is het probleem

De enige manier om echt zoden aan de dijk te zetten, is de economie en de verdienmodellen zoals we die kennen – en waarvan duidelijk is dat ze vervuilend consumptiegedrag, een oneerlijke verdeling van grondstoffen en het ongebreideld naar jezelf toeharken van vermogen in de hand werken – op de schop nemen en omvormen naar een systeem dat werkt voor iedereen. Er is voldoende voor iedereen, het is momenteel alleen vreselijk oneerlijk verdeeld en het wordt voor onnodige dingen gebruikt. Deze omslag kunnen we alleen bewerkstelligen vanuit een grassrootsbeweging, dus voor en door de bevolking. De overheid heeft allang bewezen dat we van haar niets te verwachten hebben.

Bullshit zien voor wat het is: een hoop stront

Maar ja, dat vraagt wel van ons, dat we door alle bullshit heen prikken die we op dit gebied over ons heen krijgen. Zoals in dat artikel over de luchtvaart, waarin KLM-topman Pieter Elbers met droge ogen beweert dat de luchtvaart afremmen teruggaan naar het stenen tijdperk zou betekenen. Wat een kul! Als we met z’n allen terug zouden gaan naar het consumptieniveau van het begin van de jaren ’70 zijn we al een heel eind op weg. Ik was een kind in de jaren ’70, in een gewoon gezin met een modaal inkomen, en ik weet dat ik het prima heb gehad. Misschien nog wel beter dan de huidige generatie kinderen in vele opzichten, maar dat is weer een hele andere discussie. Ik had in ieder geval ruim voldoende te eten, een warm en veilig huis en bergen meer spullen dan ik nodig had. Ik leefde verre van in de steentijd. Mensen en bedrijven, die te winnen hebben met het doorzetten van business as usual, komen continu met dit soort bullshit argumenten om maar te kunnen doorgaan op de ingeslagen weg en de grote massa lijkt het slikken.

Te weinig, te laat

Klink ik cynisch? Ik denk eerder realistisch. De milieubeweging omarmt bijvoorbeeld windmolenparken en het bevorderen van elektrisch rijden, terwijl het feit genegeerd wordt dat beiden ontzettend vervuilend zijn in het productieproces en de eerste een desastreus effect op de toch al kwetsbare leefomgeving van vele soorten (waaronder de mens) heeft.  Ik kan niet anders concluderen dan dat we met liefde onze oogkleppen blijven dragen, als we maar kunnen doorgaan zoals we bezig waren. De aarde wordt nog steeds gebruikt als onze persoonlijke goodiebag  en we zien onszelf nog steeds niet als onderdeel van de natuur, maar als exploiteur. Er is een kleine groep die wel doet wat nodig is, uit eigen beweging, omdat ze zien dat het moet, maar dat zijn er te weinig om voldoende effect te hebben.

Door de marketing heen kijken valt niet mee

We vallen voor het aloude marketingtrucje dat een product labelt als milieuvriendelijk, terwijl het dat eigenlijk niet is. Maar zolang we maar vaak genoeg te horen krijgen dat het wel zo is en het in onze huidige manier van leven past gaan we ervoor. Het is niets anders dan wat er in andere sectoren al sinds het begin van het reclametijdperk gebeurt. Zoals in de voedingsindustrie: je neemt een product dat echt gewoon uit een fabriek komt en vele onnatuurlijk ingrediënten bevat, doet er een natuurlijk uitzien etiket met woord ambachtelijk erop en, hop, wij denken massaal dat we gezond bezig zijn. Helaas, maar waar… En dat alles vaak nog met overheidssubsidie ook. Schiet mij maar lek. Ik heb reeds een tijd geleden bedacht dat het beter is om m’n mond te houden en een kruidentuin te beginnen.

Durf ik te hopen?

En dan opeens zijn daar dus al die verschillende partijen die zich tegen het klimaatakkoord keren, waarvan sommigen normaal lijnrecht tegenover elkaar staan. Ik moet zeggen dat ik er wel een beetje blij van word. Misschien dat ik er teveel in lees, maar het lijkt mij dat het beleid van de huidige regering, dat economie boven mensen stelt, niet meer geaccepteerd wordt en dat is een goede stap in de goede richting. Ik juich nog niet. Ik heb me te vaak blij laten maken met een dode mus. Ik kan me niet langer boos maken over menselijke kortzichtigheid, daar word ik  niet gezonder van. Liever richt ik me op doen wat wel in mijn invloedssfeer ligt. Maar als ik eerlijk ben, hoop ik wel een beetje dat dit het begin van iets moois is. Ik hou namelijk niet alleen van onze planeet, ik hou ook van hoe mensen kúnnen zijn.

Lofzang op de mensheid

Ik kan tranen in m’n ogen krijgen als ik zie hoe mensen bij elkaar komen om elkaar te helpen. Mensen kunnen zo geweldig zijn. Als ze het moreel juiste doen en daarvoor hun nek uitsteken. Als ze zich geen rad voor ogen laten draaien. Als ze zich niet laten murw beuken door de ontmenselijkende retoriek van populisten, door de ellende die op ze afkomt via de media. Als ze zich niet laten misleiden door pogingen om zondebokken aan te wijzen voor alles wat er mis is in hun omgeving. Als ze zich realiseren dat ze echt wel iets kunnen veranderen, al is het alleen maar door hun keuzes. Door niet meer te kopen, kopen, kopen. Door prijsvechters links te laten liggen en lokale producten te kopen die ze echt nodig hebben, niet meer en niet minder. Door te doen wat wel in hun macht ligt. Als ze zich realiseren dat ze wél de macht hebben wanneer ze eensgezind zijn.

De tijd zal het leren…

Ik ben benieuwd waar we over een tijdje staan. Of de betreffende partijen over hun onderlinge verschillen heen zullen stappen, achter de aarde en de mensheid als geheel gaan staan, en dit dan het punt is dat er echt een omslag komt. Misschien is dit het punt waarop ik eindelijk een aantal van de ideeën die ik heb ten uitvoering kan gaan brengen. Tot nu werd me vooral verteld dat ze niet haalbaar zouden zijn, omdat niemand genoegen zou nemen met minder dan een flinke winst en daar gaan mijn plannen niet over. Die gaan over eerlijk voor alles en iedereen. Zijn we daar klaar voor?

Ondertussen heb ik me hier toch weer laten verleiden me uit te spreken. Leer ik het dan nooit? Of ben ik gewoon een optimist tot in de kist? Wie een boom – of liever een bos – met mij wil opzetten over dit onderwerp, weet me te vinden…